Ga naar hoofdinhoud

Sorry, maar ‘natuurinclusief’ wordt slecht gebruikt

Het is een heel snel opgekomen buzzwoord en het betekent, serieus genomen, best wel veel. Maar ik kom het eigenlijk alleen tegen in een beteknis die je, op zijn vriendelijkst gezegd, ‘greenwashing’ kan noemen.

Dat is helemaal maf: als je zoekt op ‘natuurinclusief’ dan blijkt er ook gewoon een ecologisch adviesbureau van die naam te zijn. Prima lui, lijkt mij, die ook niet blij zullen zijn met de manier waarop hun naam als begrip wordt gebruikt.

Kastjes, holletjes, lampjes


Een minimale uitleg van het begrip kun je bij de overheid vinden, bij onze onvolprezen Rijksdienst Voor Ondernemend Nederland. Die geeft een uitleg die allereerst gaat over het omgaan met vleermuizen, gierzwaluwen, steenmarters en muurplanten. Dat dat niet lastig onkruid is en vervelende beesten die je maar beter kwijt bent is nu al enige tijd tot beleidsmakers, gebouweigenaren en bewoners aan het doordringen. Dus zijn er een aantal ‘technische maatregelen’ zoals de RVO ze noemt, die je kan nemen om een stukje natuur de stad in te halen: nestkastjes (of nest… stenen, zie de illustratie bij deze blog), speciale dakpannen, holletjes en ook, bijvoorbeeld, het terughoudend zijn met al te veel kunstmatig licht in de avond en nacht.

Storymap natuurinclusie


Ondertussen wordt op diezelfde pagina ook een ambitieuzer idee ontvouwd: dat we die miljoen nieuwe huizen die we gaan bouwen idealiter gelijk op moeten laten gaan met een toename van de biodiversiteit. Hoe dat moet daar heeft nog niemand een goede oplossing voor, ook al zijn er, kennelijk, alweer mensen druk geweest met een ‘storymap natuurinclusieve verstedelijking’.

Voor elke hectare bouw een biobos

Wanneer je dat uitgangspunt serieus neemt: biodiversiteit vergroten en dat gelijk op laten gaan met stedebouw, dan kom je er nog niet door voor elke hectare bouwgrond een hectare biobos extra te realiseren (ten koste van… landbouwgrond? Industriegebieden? De zee?). Je zult je woonwijken veel ‘natuurinclusiever’ moeten maken. In plaats van aangharkte parkjes met ‘publiek groen’ en een trapveldje moeten werken aan plukbossen, wadi’s, wildgroeigebieden waar dieren kunnen nestelen etcetera. Neem je ‘natuurinclusief serieus, kortom, dan zul je stedebouwkundig radicaal anders moeten denken.

Circulair, biobased, CO2-neutraal

En dat heeft dan nog niets, ik herhaal niets, te maken met het bouwen zelf. Dat om een gigantisch aantal redenen, samen te vatten onder het verzameldoel ‘de wereld zoals we die kennen redden’, circulair, biobased en CO2-neutraal zal moeten.

BENG is niet duurzaamm beton niet circulair

Maar neen. ‘Natuurinclusief’ wordt nu zo’n beetje alle traditionele nieuwbouw genoemd. En daar komt dan inderdaad in een perkje een bijenhotel te staan en in een taludje worden gaten gemaakt bij wijze van gierzwaluw-verblijf. Om onverklaarbare redenen worden die gasloze BENG-gebouwen ook nog eens ‘duurzaam’ genoemd en steeds schaamtelozer ook ‘circulair’, terwijl we het hebben over standaard bouw die bij einde levensduur gewoon op slopershoogte in puin gaat.

In het meest optimistische geval mogen we blij zijn dat de bouwers en opdrachtgevers tenminste de waarde van de wóórden weten. Het zou mooi zijn als dat ooit ook eens dáden werden, voor de grote Kladderatsch niet meer te stoppen is.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld of Het Houtblad. Abonneer