Ga naar hoofdinhoud

Splinter over sjoemelen met prestatie-eigenschappen van hout

Zouden de kopers van non-KOMO bouwmaterialen (vaak is dit de aannemer) hun eindklanten op de hoogte brengen dat dit ook daadwerkelijk non-KOMO is? Of wordt dit verzwegen?

KOMO is natuurlijk een mooie manier om aan te tonen dat een product strookt met het bouwbesluit, maar ook dat er een externe, onafhankelijke controle op plaatsvindt. Iets wat klanten geruststelt, maar ook concurrenten onderling. Want iedereen dient zich te certificeren en iedereen wordt gecontroleerd. Bij twijfel over ‘de ander’ is er een scheidsrechter.

Bouwproducten worden toegepast op grote en op kleine schaal, KOMO kun je krijgen op deuren, kozijnen, dakkapellen, maar ook op toeleveringsproducten zoals neuslatten, glaslatten, trapbomen, etc.

Bij de ene is er een groot risico en heeft wel of geen KOMO ook een groot effect op de te verwachten prestatie en garantie vanuit de producent. Bij sommige is het in te schatten risico veel lager. 

Ik noem maar even het verschil tussen certificatie van een lijm voor dragende houtconstructies of een houten glas lat aan de binnenzijde van een naar binnen draaiende deur. Maar, is de eindklant hier eigenlijk überhaupt wel akkoord mee?

Als je een minimale eis definieert van 10 jaar aannemersgarantie, dan kun je er op wachten dat er een (kosten)optimalisatie plaatsvindt naar de onderzijde. Na 10 jaar en 1 dag vervalt de garantie en kan/mag er niet meer gereclameerd worden. Maar een certificaat gaat over meer dan de technische prestatie en de prestatie over een langere periode, een gedeelte van de product eisen geven de eindklant ook een bepaalde zekerheid over de te verwachten levensduur en daarmee Total Cost of Ownership.

Zit een eindklant erop te wachten dat er non-KOMO gevelbekleding op de markt wordt gezet? Waarbij er van sommige gemodificeerde houtsoorten het niet eens duidelijk is wat de duurzaamheidsklasse is? Of misschien nog erger, een producent die een houtduurzaamheidsklasse weergeeft op zijn website, maar er geen norm, testinstituut of certificaat bij zet. En je dus ook niet kunt zien of dit onafhankelijk is gebeurd, etc. Juist omdat hout nogal divers is komt de definitie van prestatie-eigenschappen nogal nauw, gesjoemel hiermee is dus geheel uit den boze.

Een aantal overwegingen:

  • Gaat de WKB voor een deel voorkomen dat inferieur materiaal alsnog op de markt komt? 
  • Gaat WKB en/of CE wel ter plaatse controleren of iets wel correct is ingekocht? Of is het enkel een papieren controle? 
  • Gaat meer certificatie ervoor zorgen dat producten beter met elkaar vergeleken kunnen worden? Of zorgt het enkel voor nóg meer papierwerk, regels, prijsverhoging en onduidelijkheid voor de eindklant? 

Persoonlijk hoop ik vooral dat het er een stukje eerlijk van wordt, waar de particulier bij gebaat gaat zijn. 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld.  Abonneer