Ga naar hoofdinhoud

Tegen de wederkeer van het schrootje

OLYMPUS DIGITAL CAMERA

Vaak (meestal) realiseer je je niet hoe oud je al bent. Maar nu vroeg ik me af waarom al die houten projecten die ik beschrijf op deze website en in Het Houtblad met eigenlijk, gek genoeg, op één of andere manier meevallen. Ik weet het nu: dat komt door het schrootje.

Want er was een tijd, jongens en meisjes, -opa vertelt-, en dat was nog niet eens zó lang geleden, een jaar of 40 geleden gebeurde het nog, dat de mensen massaal planken tegen hun muren en plafonds gingen bevestigen. Grenen planken die men haalde bij wat toen nog een doe-het-zelf-winkel heette en die daar zo rijk van geworden zijn dat ze tegenwoordig bouwmarkten geworden zijn. Die planken, die met de verzamelnaam ‘schrootjes’ werden aangeduid, werden aan de langzijde met een eenvoudige houtgleufverbinding aan elkaar geschoven, en daar ging het vaak al fout, want dat was allemaal vaak maar armetierig uitgevoerd en leidde dus tot allerlei splinter- en scheurvorming.

Het schrootje kwam op ergens in de late jaren zestig en beleefde zijn hoogtijdagen in de jaren zeventig van de vorige eeuw en ging gepaard met oranje lampen, hangplanten in raffiahangmandjes, als het heel erg tegenzat visnetten aan het plafond, maar veel vaker, -ook heel erg-, met zware eiken tafels, kasten en banken en bordjes in delftsblauw met teksten als ‘oost, west, thuis best’.

Er zijn interessante beschouwingen gewijd aan de intrigerende kwestie waarom de Nederlander zich in die tijd opeens ging omhullen met houten planken. Het is wel geduid als een hang naar vroeger tijden: mensen kwamen uit oude woningen terecht in betonnen appartementen en doorzonwoningen en verlangden terug naar dat krakerige, krakkemikkige van vroeger. Verder was er een terug-naar-de-natuur-trend, waarbij het boerenleven werd geromantiseerd en mensen dus op vijf hoog achter in een boerenschuur gingen wonen. Daarnaast was het misschien een manier om het huis goedkoper warm te houden. Ik ben bang dat ook een bepaald gevoel voor ‘gezelligheid’ bij dit alles een rol heeft gespeeld.

Wat er van waar zij: het schrootje was bijna nooit en nergens mooi, reden waarom ze eind jaren zeventig ófwel werden verwijderd, ófwel overgeschilderd, als het meezat in strak wit, maar vaak genoeg ook in stemmig donkerbruin. En: het bleken stofnesten: brak je zo’n op raggelwerk aangebracht wandje of plafondje weg, dan begreep je waarom het huis nooit schoon te krijgen was…

Ik ben zeer voor de grote opleving van hout in de bouw en in het interieur. Ik zie er dagelijks de prachtigste voorbeelden van. Maar mag ik u allen verzoeken: laten we het schrootje voor eens en voor altijd hier in zijn geheel buiten laten!

Jan Maurits Schouten
Hoofdredacteur Het Houtblad

Als hoofdredacteur van Het Houtblad houdt Jan Maurits Schouten zich vooral bezig met de bewustwording van de voordelen van het gebruik van hout in de bouw. Daarbij houdt hij zeker ook een scherp oog op de hindernissen en ‘uitdagingen’ waarvoor de inzet van dit materiaal wordt gesteld.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld of Het Houtblad. Abonneer