Ga naar hoofdinhoud

Zo biodivers als hout

Over het Iraanse travertijn waarmee bouwdelen van het onlangs geopende Naturalis-gebouw van binnen en van buiten is bekleed zou je best een boom kunnen opzetten (pun intended). Maar wát een demonstratie van de schoonheid en het nut van hout is er op deze locatie van de Houtdag, 21 november.

Ik was er bij, gisteren, bij de perspresentatie over het nieuwe Biodiversity Center Naturalis. En ik vroeg hoofdarchitect Michiel Riedijk ook nog wel even waarom er niet meer duurzame materialen in de uitbouw waren toegepast. Zou zo’n museum niet ook van clt gebouwd kunnen worden? Zijn antwoord leek me afdoende maar ook wel een uitdaging voor de sector. Naturalis wil meedraaien in de topklasse van mondiale musea. Het lenen van een object uit, zeg maar wat, het Smithsonian Institute of het Rijksmuseum moet mogelijk zijn. Maar je krijgt geen bloemstilleven mee als je niet aan zeer hoge internationale standaarden voldoet van lucht-vocht-en warmteconditionering en nog een hele riedel meer. En dan neem je geen risico met gelamineerd hout, dan val je terug op waar al die musea van gemaakt zijn: staal, steen, beton, glas.

De schitterende rotsachtige muren van het gestapelde museumgebouw zijn bekleed met travertijn dat uit Iran afkomstig is en in Portugal gespleten. Uit esthetisch oogpunt een spannende en begrijpelijke keuze. Volgens Riedijk is het zo’n beetje de enige steensoort die zowel andere mineralen in zich heeft opgesloten alsook fossielen en ander organisch materiaal. En het is natuurlijk prachtig van kleur. Politiek is het allemaal nét goed gegaan, tussen twee boycots door. Volgens de architect ging het in verhouding met andere klanten om slechts een hele kleine partij. Toch kun je je afvragen of het over de halve wereld slepen van uit de aarde gehakt steenachtig materiaal nog wel past in de duurzame tijd. Op gevaar af van kniesoor te zijn.

Maar mensen: wat een feest van hout is dat gebouw! Riedijk kreeg het voor elkaar om een gigantisch ‘loos’ volume te realiseren: de centrale hal, voor iedereen toegankelijk, die toegang biedt tot de verschillende afdelingen van het instituut-annex-depot-annex museum. Dat was een strijd op zich, gaf hij toe, maar ook een kwestie van op heel slimme manieren voldoen aan het programma: als je je nuttig oppervlak goed inricht houd je ruimte over voor zo’n groot gebaar. Eyecatcher van die hal is de eiken betimmering. Die dient vele doelen: isolatie en geluiddemping om maar twee nuttige te noemen. En inderdaad is het gebouw energiezuinig en voelt het comfortabel aan. En wat meer is: als je in die hal staat, waar dan ook: nergens heb je last van galm of elkaar niet verstaan.

Maar ook esthetisch zijn al die eiken delen, in combinatie met de eiken trappen en vloeren, van groot belang. Het verleent zachtheid aan de hardheid van de andere materialen. Het benadrukt het organische in dit gebouw dat over biodiversiteit gaat. En de vormen werpen, als het licht goed staat, geweldige, bladerdak-achtige patronen over het Iraanse steen.

En dan heb je het auditorium nog niet gezien: een met eikenhout betimmerde ‘doos’ op de eerste verdieping met een balkon en een bovengang die uitkijkt op de zaal. Fijn, veilig, geborgen in het hart van het museum biedt het plaats aan de bezoekers. Zoals jij, als je je bijtijds aanmeldt voor de Houtdag van 21 november. Frank Beelen, de projectarchitect van Neutelings Riedijk die álles van de materialisatie en technische uitvoering van dit wereldgebouw weet is één van de sprekers. Daar wil je bij zijn :-).

Informatie en aanmelden kan hier. Nu met earlybird-korting

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld of Het Houtblad. Abonneer