Ga naar hoofdinhoud

Nog steeds geen CAO in HVI

Pogingen om tot een CAO voor de houtverwerkende industrie (HVI) te komen, zijn tot op heden mislukt. De vakbonden deden eind 2016 nog een – mislukte – poging. 

“Het grootste struikelblok is de beperkte loonruimte die de werkgevers vanaf het begin beschikbaar wilden stellen”, aldus FNV Bouw. “Eerder informeerden we al over een premiestijging voor het ouderdomspensioen en de VPL-regeling. De werkgevers stelden voor beide regelingen te versoberen om premiestijging te voorkomen. Maar hier gaan we uiteraard niet mee akkoord. Verder was er nog een fors aantal verslechteringen ten aanzien van de werktijden en oeslagen. Daarin hebben we gelukkig ons gelijk gekregen. Wat overbleef is het laatste bod van de werkgevers.”
De werkgevers stellen een looptijd voor van 1 oktober 2016 tot en met 31 december 2017. Loon wordt gedurende deze looptijd structureel verhoogd met 1,25% en als volgt uitbetaald: per 1 april 2017 verhoging van 0,65%, per 1 oktober 2017 verhoging van nog eens 0,6% en verder per 1 april een eenmalige uitkering van bruto € 100. De VPL-premie gaat terug naar het niveau van 2015, namelijk 1,5%.
De vakbonden zetten in op een fatsoenlijke loonsverhoging zonder aftrek van premies (want die stijgen ook voor werknemers), geen verslechtering van de VPL-regeling, maar de premie op 2% (niveau 2016), en geen ruime arbeidstijdenregeling.

“Aangezien werkgevers in de houtverwerkende industrie hun werknemers niet meer te bieden hebben dan een fooi, zien wij nu geen basis om verder te onderhandelen. Wij gaan de komende periode met onze leden in gesprek om te bespreken hoe we om moeten gaan met deze situatie”, besluit FNV Bouw.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld of Het Houtblad. Abonneer