Ga naar hoofdinhoud

Kennisuitwisseling over hout wordt steeds urgenter

Op deze plek is het al eerder gezegd en ik neem het nu dagelijks waar: we zijn elkaar steeds dezelfde dingen over hout aan het vertellen. Wat alle onmiskenbare voordelen zijn. En tegen de tijd dat we dat doorhebben concludeert steeds iemand dat er schreeuwende behoefte aan verdieping is.

En wie biedt zulke verdieping? Deels de leverancier van gelamineerd hout, soms ook de leverancier van bouwhout, bijvoorbeeld voor houtskeletbouw, maar dat wordt al minder en minder. En verder de houtconstructeur. Daar zijn er in ons land schrikbarend weinig van, een paar honderd maar. Ze kunnen met hun kleine Gallische dorp lastig op tegen de legioenen van ingenieurs die gewend zijn om met staal en steen en beton te rekenen. Daarom beginnen heel veel materialisaties, hoe ambitieus duurzaam de uitgangspunten ook zijn, in eerste instantie met minerale producten of met bouwmateriaal dat uit ertsen gewonnen wordt.

En buig zo’n eerste materialisatie dan nog maar eens om naar een ontwerp in hout. Hout dat veel grotere overspanningen aankan, dat op zijn best is als het geprefabriceerd is in grote maten, en als alles op één vrachtwagen kan worden aangevoerd. Als het hout-op-hout monteren is op een betonnen fundering, dan gaat er het minste mis en kan er het snelste gewerkt worden, want die ‘toleranties’ die in de gewone aannemerij gehanteerd worden, daar kan een rechtgeaarde houtbouwer niets mee.

En natuurlijk heeft hout ook weer zijn eigen uitdagingen. Bijvoorbeeld die van het contactgeluid. Of van het gedrag onder zware windbelasting. Of van krimp. Niet minder, maar ánders dan beton en staal. En bepaalde vormen zou je in beton niet in je hoofd halen maar met hout juist wel.

We vertellen elkaar steeds over de lichte bouwwijze, de snelle bouw, de eeuwigdurende vernieuwing van het materiaal, de CO2-opname, de accuratesse, de brandveiligheid, het comfort. En dan, daarna, staan we elkaar aan te kijken, spoken er detailkwesties door ons hoofd waar we vragen bij hebben en zeggen we tegen elkaar: ‘Er zou toch een kennisnetwerk over houtbouw moeten bestaan’. Maarruh… als we dat allemaal zo zien, dan richten we er toch één op? Ik ga er in ieder geval over nadenken.

Jan Maurits Schouten
Hoofdredacteur Het Houtblad

Als hoofdredacteur van Het Houtblad houdt Jan Maurits Schouten zich vooral bezig met de bewustwording van de voordelen van het gebruik van hout in de bouw. Daarbij houdt hij zeker ook een scherp oog op de hindernissen en ‘uitdagingen’ waarvoor de inzet van dit materiaal wordt gesteld.

2 reacties op “Kennisuitwisseling over hout wordt steeds urgenter

  • Serieus goed artikel Jan Maurits! 🙂

  • Er zijn mensen die een hekel hebben aan plastic, beton, staal, aluminium en zelfs aan goud. Maar ik ben nog nooit iemand tegengekomen die een hekel heeft aan HOUT.
    Iedereen vindt in beginsel hout mooier dan welk alternatief dan ook. Alleen… dan komen de ‘ja-maar-verhalen’ (het trekt, rot, je blijft schilderen). Onzin, maar goed.
    Wat zou ik graag dáár eens wat tegen doen…. anders dan verhaaltjes op Facebook schrijven etc

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld of Het Houtblad. Abonneer