Gemeenten en waterschappen moeten meer doen om er zeker van te zijn dat toegepast hout afkomstig is uit goed beheerde bossen. Dit blijkt uit onderzoek van FSC Nederland bij honderd Nederlandse projecten in de grond-, weg- en waterbouw (GWW). Nu is 48% van het toegepaste tropische hout niet FSC-gecertificeerd.
De conclusie na het analyseren van 100 werken in de GWW luidt dat de intentie wel aanwezig is om gecertificeerd hout in te kopen, maar dat de kennis vaak ontbreek om belangrijke controlestappen te zetten.
In Nederland is 48% van het toegepaste tropische hout niet FSC-gecertificeerd (Probos, 2025). Tropisch hout wordt in Nederland veel ingezet
in de grond-, weg- en waterbouw (GWW), bijvoorbeeld bij de constructie van bruggen, beschoeiingen en damwanden. Dat was een belangrijke reden om het onderzoek op deze
sector te richten. In de GWW zijn gemeenten en waterschappen vaak de opdrachtgever.

Dit was voor FSC Nederland aanleiding om het onderzoek bij honderd projecten in de GWW te starten. Zeker nadat een recente studie uitwees hoe groot de verschillen zijn tussen FSC-gecertificeerd bos en niet gecertificeerd bosbeheer. Naast het eigen keurmerk is ook PEFC meegenomen in het onderzoek omdat ook dit keurmerk voldoet aan de minimumeisen van het duurzaam inkoopbeleid van overheidsorganisaties. De honderd projecten betroffen 70 beschoeiingsprojecten en kleinere aantallen bruggen, damwanden, remminsgwerken en steigers. Opdrachtgevers waren met name gemeenten (54 projecten) en waterschappen (24 projecten). De overige projecten zijn aanbesteed door provincies of ontwikkelaars in opdracht van de overheid.
Bijna overal gecertificeerd hout gevraagd
Uit het onderzoek blijkt dat in 97 van de honderd projectbestekken de eis om gecertificeerd hout te leveren duidelijk werd omschreven. Daarmee is een goede basis gelegd. Opvallend is dat daarna, bij de gunning, slechts in een op de vijf projecten werd gekozen voor een gecertificeerde aannemer. Terwijl alleen deze kan aantonen dat er ook echt gecertificeerd hout wordt geleverd.

Een aannemer kan zich na gunning, maar voor de eerste levering, alsnog certificeren, of kiezen voor een gecertificeerde onderaannemer. Dit blijkt in de praktijk zelden te gebeuren. Tijdens de gesprekken bleek dat slechts in één geval de (hoofd)aannemer gebruik maakte van een gecertificeerde onderaannemer bij de uitvoering van het project.
‘Niet conform bestekeis’
Projectleider Stan Stevens van FSC Nederland: ‘Uit de bestekomschrijving en de gesprekken blijkt duidelijk dat gemeenten en waterschappen de herkomst van hout belangrijk vinden. Des te opvallender is dat de keuze daarna toch valt op niet-gecertificeerde aannemers. Niet goed voor het bos, en vergeet niet de teleurstelling bij aannemers die tijd en geld steken in het certificeren, en zien dat de opdrachtgever kiest voor een concurrent die niet levert conform bestekseis.’
Hoewel de algemene lijn is dat opdrachtgevers de controlestappen onvoldoende volgen, zijn er ook goede voorbeelden. Bij de gemeenten Veere en Fryske Marren zijn meerdere projecten onder de loep genomen. Zij kozen consequent voor gecertificeerde aannemers in hun projecten.
Stappenplan voor verbetering
FSC heeft een stappenplan gemaakt om te zorgen dat er meer gecertificeerd hout in de GWW wordt toegepast, zoals ook vermeld in de bestekeisen. Stan Stevens: ‘Kennis blijkt toch de sleutel, we hebben een helder stappenschema gemaakt en een digitale kaart waarop opdrachtgevers aannemers kunnen vinden die aantoonbaar gecertificeerd hout kunnen leveren.’
Het onderzoek zet FSC ook komend jaar voort, waarbij de organisatie opdrachtgevers direct gaat aanspreken die in de borging nog stappen moeten zetten. ‘Verandering is noodzakelijk, dit onderwerp is te belangrijk om het bij intenties te laten.’
Lees ook:
Bekijk het volledige onderzoek van FSC naar de 100 GWW projecten
Mis niets meer met Houtwereld in print of digitaal
Wil je voortaan geen vakinformatie meer missen? Zorg dan dat je elk exemplaar van Houtwereld ontvangt. Je kunt kiezen voor een compleet abonnement met magazine thuis in de brievenbus of voor een digitale variant. Je leest Houtwereld dan altijd en overal.

