De Omgevingswet en de Wet kwaliteitsborging is wederom uitgesteld. Volgens minister van Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Hugo de Jonge hebben lokale overheden nog onvoldoende kunnen oefenen met de nieuwe systemen. De nieuwe wet zal nu op 1 oktober 2022 of 1 januari 2023 in werking treden.
De grootste wetswijziging in de bouw ooit zou op 1 juli van dit jaar ingaan. Dit nadat de inwerkingtreding in het verleden al meerdere malen is uitgesteld. De meest recente reden van afstel was de stand van zaken met betrekking tot de ICT. “Er is meer tijd nodig om het Digitale Stelsel Omgevingswet opgeleverd, ingeregeld en stabiel werkend te krijgen”, meldde toenmalig minister van Binnenlandse zaken Kasja Ollongren.
Opnieuw uitstel
Ook nu blijken de nieuwe systemen een struikelblok voor de invoering van de wetswijziging: “De afgelopen weken zijn er verschillende overleggen geweest met medeoverheden en experts over de invoering van de Omgevingswet. Daaruit kwam naar voren dat er meer tijd nodig is om goed te oefenen met de nieuwe systemen. Die tijd wil ik nemen voor een verantwoorde en zorgvuldige invoering,” aldus minister De Jonge.
De komende weken zal worden bepaald of de Omgevingswet op 1 oktober 2022 of 1 januari 2023 in werking zal treden. Lees hier de brief van minister De Jonge aan de Tweede kamer.
Wat is de Omgevingswet en Wkb
De Omgevingswet is een grote wijziging die de wetten voor de leefomgeving bundelt en moderniseert. Hierbij gaat het onder meer om wet- en regelgeving over bouwen, milieu, water, ruimtelijke ordening en natuur. Dat betekent van 26 verschillende wetten naar 1 wet, van 60 Algemene Maatregelen van Bestuur naar 4 en van 75 ministeriële regelingen naar 1 Omgevingsregeling. Hieronder valt ook de Wet Kwaliteitsborging.
De overheid zorgt met de Wkb voor meer toezicht en controle in de bouw. Met als doel bouwfouten en gebreken te voorkomen en te besparen op herstelkosten. Onafhankelijke kwaliteitsborgers controleren tijdens de ontwerpfase en op de bouwplaats of voldaan wordt aan alle wettelijke eisen. Afspraken en productdocumentatie worden vastgelegd in een ‘opleverdossier’. De aansprakelijkheid rond de kwaliteit van een bouwwerk wordt zo verankert die in het Burgerlijk Wetboek. Daardoor kan de consument na oplevering terugvallen op de aansprakelijkheid van de aannemer. Gevolg is dat aannemers hun leveranciers, zoals de houthandel, zullen vragen om bewijsmateriaal in de vorm van kwaliteitsverklaringen, verwerkings- en onderhoudsvoorschriften of garantieverklaringen.

