Begin mei 2026 zijn vanuit Brussel de vereenvoudigingen van de EUDR bekend gemaakt. De anti-ontbossingswet gaat in op 30-12-2026. Hoe zit het nu? De belangrijkste punten op een rij voor de houtbranche.
EUTR plichtig: dan moet je op 30-12-2026 voldoen aan EUDR
De wet gaat in op 30 december 2026, voor de categorie bedrijven micro & small is uitstel tot 30-6-2027. Maar let op: voor bedrijven die nu al moeten voldoen aan de EUTR geldt dit uitstel NIET. Zij moeten ongeacht hun omvang per 30 december 2026 voldoen aan de EUDR. De uitzonder geldt wel voor kleine bedrijven die actief zijn in koffie, soja, cacao of andere commodity’s die wel onder de EUDR vallen maar niet onder de EUTR.
Wanneer ben je micro of small?
Hier gelden de standaarddefinities voor KMO’s (Richtlijn 2013/34/EU). De drempelwaarden zijn gebaseerd op het aantal werknemers én de financiële omvang:
- Een kleine (small) onderneming heeft tot 50 werknemers en een omzet of een balanstotaal van ten hoogste 10 miljoen EUR;
- Een micro-onderneming heeft tot 10 werknemers en een omzet of een balanstotaal van ten hoogste 2 miljoen EUR.
Overgang EUTR naar EUDR makkelijker
Hout dat op de markt is gebracht vóór 30-12-2026 en dus nog onder de EUTR valt, hoeft na 30-12-2026 en ook na 31-12-2029 (de vervaldatum van de EUTR) niet te voldoen aan de EUDR. Dit is een belangrijke vereenvoudiging. Je moet wel kunnen bewijzen dat de producten voor de ingangsdatum 30-12-2026 op de EU-markt zijn gebracht. Het is dus belangrijk de administratie goed op orde te hebben en ook te bewaren.
DDS plicht alleen voor de importeur van hout
Alleen nog operators, dit zijn partijen die als eerste hout (of andere producten die onder de wet vallen) op de EU-markt brengen of exporteren, hebben volledige Due Dilligence plicht. Zij moeten aangifte doen in het administratiesysteem EU Traces. Dit levert een nummer op dat zij moeten doorgeven aan de volgende schakel in de keten: de first downstream operator of trader. Kan de importeur geen DDS-nummer leveren, dan moet je het product of de partij hout weigeren.
Een goede DDS opstellen is niet eenvoudig. Het is afhankelijk van de aard van de producten en de hoeveelheid bewerkingen die al zijn uitgevoerd buiten Europa. Als je een houtproduct uit China importeert waar acht bedrijven aan hebben gewerkt moet je deze hele keten in kaart brengen. Medewerking van diezelfde keten is dan nodig.
Wanneer mag je als klein bedrijf vereenvoudigde DDS doen?
Micro & small operators die als eerste iets op de EU-markt brengen of exporteren, mogen onder voorwaarden vereenvoudigde Due Diligence doen, mits:
- het product op eigen grond (bos) geoogst/geproduceerd is;
- de producent zich bevindt in een laag risicoland (zie hier het complete overzicht van landen en hun risico klasse);
- de producent het product zelf als eerste op de EU-markt brengt.
Deze bedrijven mogen als ze voldoen aan al de bovenstaande voorwaarden eenmalige aangifte doen voor dit product in EU-Traces. Zij ontvangen een DDS-nummer en mogen dit DDS-nr tot in lengte van jaren blijven gebruiken, mits de gegevens ongewijzigd blijven. Voor hout zal deze uitzondering niet vaak voorkomen, omdat er simpelweg niet veel micro of kleine bedrijven zijn die én eigen grond hebben, daar hout oogsten en dat ook nog zelf op de EU-markt brengen.
- Geolocatie mag een postadres zijn mits het product hier ook geoogst is.
- Als postadres een administratie unit/kantoor is, dan ben je alsnog verplicht geolocaties op te geven
Om erkend te worden als micro of small bedrijf dat vereenvoudigde DDS mag doen, moet je voldoen aan deze voorwaarden, maar ook zijn geregistreerd voor 31-12-2024.
Wat moeten partijen verderop in de keten doen?
First downstream operator & trader
Deze partijen ontvangen het DDS nummer van de importeur en moeten 5 jaar administratie bewaren. Inclusief dus het dds nummer. Je hoeft dit niet te delen met afnemers, het hoeft ook niet op de documenten te staan.
Second downstream operator & trader:
Zij hebben geen DDS plicht, geen DDS-nr, deze bedrijven moeten uitsluitend hun in- en verkoopadministratie 5 jaar bewaren.
Wat als je denkt dat iets niet voldoet aan de EUDR?
Zijn er signalen of vermoedens van non-compliance met betrekking tot je product en het voldoen aan de EUDR?
Dan heeft elk bedrijf in de keten (groot of klein, importeur of verderop in de keten) de plicht om dit te melden bij het bevoegd gezag. Dit is in Nederland de NVWA. Ook moet je afnemers van het hout informeren en navraag doen bij de leverancier.
Niet-MKB downstream operators en traders (grote bedrijven) moeten aanvullend:
- Verifiëren dat due diligence is toegepast (in geval van non-compliance)
- Beoordelen of er geen of slechts verwaarloosbaar risico is (art 5 lid 6)
Certificeringssystemen zoals FSC en PEFC
In de Annex die de EC begin mei heeft gepubliceerd (PDF), worden certificerings- en verificatiesystemen als een waardevol hulpmiddel bestempeld bij het uitvoeren van de EUDR-zorgvuldigheidsplicht. Het is nog geen green lane.
NVWA controleert EUDR
De NWA handhaaft in Nederland de naleving van de EUTR en de EUDR. De risicoklasse van het exportland is hierbij belangrijk. Afhankelijk van de classificatie van het land inspecteert de NVWA een percentage en een hoeveelheid van de geïmporteerde producten.
Voor ieder grondstof: hout, cacao, koffie, rubber, rund, soja, palm inspecteert de NVWA minimaal het volgende percentage:
- 1% import/export uit laag-risicolanden
- 3% import/export uit standaard-risicolanden
- 9% import/export uit hoog-risicolanden, waarbij 9% van het volume uit deze hoog-risicolanden
Handhavingsverzoek
Vanaf begin 2027 kunnen bedrijven de NVWA een handhavingsverzoek indienen. Tzt wordt uitgelegd hoe dit in z’n werk gaat.
NVWA en FSC
De NVWA heeft inzake de EUDR het keurmerk FSC wel erkend als private controlesysteem. Dit is (nog) niet het geval voor andere keurmerken in het hout zoals Stip of PEFC. Stan Stevens van FSC kan nog niet zeggen wat dit precies betekend en of FSC hiermee wél een ‘green lane’ wordt. ‘Maar als systeem voldoen we aan hetgeen de NVWA van een controlesysteem verwacht. Zodra ik meer kan melden met 100 procent zekerheid zal ik dat zeker doen.’
Bedrijven moeten zich dan wel laten certificeren voor de aanvullende module die speciaal voor de EUDR in het leven is geroepen, de ‘Regulatory Module’.


