Wkb: Dit betekent de nieuwe wet voor de houtbranche

Wkb

Zorg dat je als bedrijf de CE-markering op daartoe verplichte producten op orde hebt, want de Wkb komt er echt aan. Dat geldt ook voor bijbehorende documentatie rond verwerking, veiligheid en onderhoud’, zo dringt Eric de Munck bij leden van de VVNH aan.

Elke houthandelaar of timmerfabrikant die zijn product levert aan aannemers of bouwbedrijven krijgt te maken met de Wet Kwaliteitsborging (Wkb). Aannemers gaan hun projecten beter documenteren om te voldoen aan de nieuwe wet en zullen op dit vlak meer vragen van de houthandel en timmerindustrie.

De nieuwe invoeringsdatum voor de Omgevingswet – en daarmee ook de Wkb – is 1 januari 2024. 

Dit betekent de Wkb voor houthandel

  • De aannemer wordt verantwoordelijk voor de kwaliteit van het bouwproject.
  • Een kwaliteitsborger controleert of onder andere het bouwmateriaal voldoet aan veiligheidseisen.
  • CE-markering op het bouwmateriaal is verplicht.

De Wkb gaat per 1 januari 2024 in nadat de wet een aantal keren is uitgesteld en heeft als doel het versterken van de positie van de bouwconsument en het verhogen van de bouwkwaliteit. Dat gebeurt in de eerste plaats via een aantal aanpassingen in het Burgerlijk Wetboek, die gaan gelden voor alle bouwwerken van groot tot klein.

Zo moeten aannemers bij oplevering een dossier overhandigen aan de opdrachtgever, met daarin relevante informatie over het bouwwerk. Ook worden de waarschuwingsplicht en de 5%-regeling aangescherpt, de aansprakelijkheid voor verborgen gebreken uitgebreid en moet de bouwer de consument informeren over hoe hij is verzekerd.

Volledige invoering

De Wkb gaat in januari 2024 in en geldt vanaf dan ook voor verbouwingen. Minister De Jonge heeft dit in juni 2024 laten weten in antwoorden op kamervragen. Het gaat om verbouwingen van onder meer grondgebonden woningen, vakantiewoningen en kleinere bedrijfspanden.

In eerste instantie was het de bedoeling de WKb gefaseerd in te voeren, in eerste instantie voor Gevolgklasse 1. Daaronder vallen onder meer grondgebonden woningen, vakantiewoningen, bedrijfshallen van maximaal twee bouwlagen. En daarna pas voor verbouwingen van woningen en kleine kantoren.

Vergunningsvrij

Veel eenvoudige kleinere verbouwingen – de dakkapel, de uitbouw, een erker – worden na invoering van de Wkb en Omgevingswet vergunningsvrij voor de techniek. Dat geldt voor 45 tot 50% van de bouwwerken. Bij deze werken komt er geen kwaliteitsborger controleren.

Kwaliteitsborger

Na ingaan van de wet wordt het bouwtoezicht op een andere manier georganiseerd. Bouw- en Woningtoezicht – de gemeente – gaat vanaf 2023 minder letten op de technische aspecten van een bouwwerk. Dat gaan kwaliteitsborgers doen, aan de hand van een zogeheten instrument voor kwaliteitsborging. Daarvan zijn er inmiddels een aantal officieel erkend en nog wat in aantocht.

Er zitten wat verschillen in die instrumenten, maar waar het in alle gevallen op neerkomt: de kwaliteitsborger kijkt straks wat de risico’s zijn van het bouwproject (bezien vanuit het Besluit bouwwerken leefomgeving, de opvolger van het Bouwbesluit) en stelt aan de hand daarvan een borgingsplan op.

Door vervolgens bewijs te verzamelen moet de kwaliteitsborger aan het eind van de rit het ‘gerechtvaardigd vertrouwen hebben dat het bouwwerk voldoet’ aan de bouwregelgeving. Het bewijs gaat dan bij oplevering inclusief goedkeuring van de kwaliteitsborger naar de gemeente als het dossier Bevoegd Gezag.

Het bewijs dat het bouwwerk is gemaakt zoals afgesproken krijgt de kwaliteitsborger van de aannemer en bestaat uit tekeningen, berekeningen, foto’s, productbonnen – net wat er relevant is. Ook zal de kwaliteitsborger zelf controles doen op de bouw. Kort gezegd geldt hierbij: hoe meer de aannemer zelf aantoont, hoe minder de kwaliteitsborger hoeft te doen.

Gevolg van dit alles: bouwbedrijven zullen meer gaan documenteren om de genoemde dossiers te kunnen maken. En die vraag naar documentatie zal dus ook richting onderaannemers en houtleveranciers gaan.

Constructiehout en gevelbekleding

Verkoop je hout dat wordt toegepast in een constructie? Dan ben je verplicht om het product CE-te markeren. CE staat voor Conformité Européenne, wat betekent ‘in overeenstemming met de Europese regelgeving’. De eisen voor CE-markering staan in de verordening (EU) Nr. 305/2011.

De aannemer die bij jou zijn bouwmaterialen koopt moet bij de kwaliteitsborger aantonen dat hij materiaal gebruikt van goede kwaliteit. Een product met CE-markering toont aan dat het voldoet aan de eisen. Dat geldt ook voor een KOMO keurmerk van een kozijn dat je timmerfabriek verlaat.

CE-markering is gebaseerd op de volgende NEN normen:

  • NEN-EN 14081 – Op sterkte gesorteerd hout met rechthoekige doorsnede (Constructief hout)
  • NEN-EN 14080 – Gelijmd gelamineerd hout en gelijmd massief hout
  • NEN-EN 15497 – Gevingerlast gezaagd hout voor constructieve toepassingen
  • NEN-EN 14915 – Wand- en gevelbekleding van massief hout
  • NEN-EN 14342 – Houten vloeren en parket

CE-plicht

Voor wie ‘losse’ producten levert aan een aannemer verandert er na 1 januari feitelijk niets: producten moeten nu voldoen aan wet- en regelgeving en moeten dat straks ook. De plicht van de leverancier houdt in feite op bij het leveren van de relevante documentatie, zoals verwerkingsvoorschriften, garanties, certificaten en keurmerken.

Het punt is wel, zo constateerde verenigingsmanager Eric de Munck van de VVNH in de zomer van 2022, dat nog niet iedereen dit voor elkaar heeft in de houtbranche. ‘Voor houten gevelbekleding geldt al sinds 2013 dat je als producent CE-markering moet hebben, zeker als je een bedrijf bent met een omzet van meer dan 2 miljoen euro.

Nog niet iedereen realiseert zich dat als je een plank afschuint en je kunt vermoeden dat jouw klant die plank gaat gebruiken als gevelbekleding, dat je dan CE-markering moet aanbrengen. Je bent dan producent.’

In de drukte van de dag gaan deze ontwikkelingen soms aan mensen in de sector voorbij en aannemers vragen er wellicht ook niet (altijd) om. Dat gaat dus veranderen, stelt De Munck. ‘Nu de WKb er echt aankomt, zal de aannemer een stuk secuurder zijn in hetgeen hij aanvraagt.

Zeker ook als het gaat om verlenen van garanties en dergelijke. Hij moet zijn dossiers op orde hebben. Toeleveranciers – leden van de VVNH, maar ook leden van de Hibin – moeten zich realiseren dat er een CE-plicht aangewezen vanuit het Bouwbesluit op houten gevelbekledingen rust.’

CE is geen keurmerk

Een CE-markering vermeldt een aantal zogenaamde ‘essentiële kenmerken’ van het product. Een CE-markering is geen bewijs voor het feit dat de vermelde productkenmerken objectief zijn getoetst door een onafhankelijke deskundige. Het is dus ook geen kwaliteitskeurmerk.

Een fabrikant die een CE-markering op zijn product aanbrengt geeft daarmee zelf aan dat het voldoet aan de Europese regels (bijvoorbeeld: veilig, niet schadelijk voor gezondheid en milieu) en dat hij de conformiteits- of overeenstemmingsprocedures heeft afgerond.

Het onterecht aanbrengen van de CE-markering is een economisch delict en valt in Nederland onder de Wet op de economische delicten. Toezicht hierop vindt plaats door bijvoorbeeld de toezichthouders van de NVWA.

Bij CE-markering hoort een Declaration of Performance (DoP): een eigen prestatieverklaring die met (bouw)producten moet worden meegeleverd. Vanaf 1 juli 2013 is een DoP verplicht voor leveranciers aan de bouw

Brandklasse

Wat ook nog vrij onbekend is, vervolgde De Munck, is dat er op CE-markering ook prestaties voor de brandklasse staan. ‘Die gelden niet alleen voor het plankje, maar ook voor de end-use condition, oftewel: hoe is het in de praktijk toegepast? Is dat een enkele of een dubbele regel? Zit er een folie achter en zo ja, wat voor type? Is het getest met of zonder spouw? Daar moet je dan je prestatie op baseren.’

Hierbij kan worden verwezen naar de norm waarin veel voorkomende systemen voor houten gevelbekleding staan vermeld: NEN-EN 14915 ‘Wand- en gevelbekleding van massief hout’.

Daarin staat een tabel opgenomen, waarvoor classification without further testing geldt. ‘Als je dan een houtsoort hebt van bepaalde dikte en een bepaalde zwaarte, en je bevestigt dat in de praktijk net zoals het in de tabel staat omschreven – een kleine spouw, met een onbrandbare plaat erachter – dan kun je verklaren dat wat er in die tabel staat voor jouw product geldt.’

Wijkt het te veel af van de tabel, dan zal er een test moeten worden gedaan. ‘Óf de aannemer moet de constructie gaan testen, of je zult dat zelf moeten gaan doen voor je klant. Dit zijn zaken waarvan je je bewust moet zijn. De aannemer zal zwaar- der op je bewijsvoering gaan leunen.’

En mocht de aannemer er niet om vragen, dan doet die kwaliteitsborger dat wel. ‘Die gaat risico’s analyseren. En als de borger vindt dat de gevel extra aandacht nodig heeft, zal hij prestaties aangetoond willen zien.’

Zelf is de VVNH bezig met het project ‘Brandclassificatie Open Gevelbekledingen’ waarin open gevelbekleding wordt getest op Eurobrandklasse D.

Samengestelde producten

Ook een staaltje voorsorteren: het keurmerk HoutbouwersNL, opgezet door de sectie Houtbouwsystemen van de Nederlandse Branchevereniging voor de Timmerindustrie (NBvT). Dit keurmerk is grotendeels gebaseerd op KOMO-certificering, wat van waarde is voor de Wkb.

Samengestelde producten als daken, dakkapellen en gevelelementen zal de kwaliteitsborger als geheel beoordeeld willen zien. Daarbij mogen zij leunen op bestaande certificaten. Het idee is: iets dat al onafhankelijk is getoetst, hoeft niet nóg eens door de kwaliteitsborger te worden beoordeeld. Dat zou dubbel werk zijn.

De kwaliteit van de producten die de bij HoutbouwersNL aangesloten bedrijven leveren wordt onafhankelijk getoetst door SKH in Wageningen. Hun werkprocessen zijn vastgelegd in een systeem van interne kwaliteitsbewaking (IKB).

Het samenstellen van elementen, de toegepaste materialen en de prestatie-eisen zoals luchtdichtheid en brandwerendheid, zijn allemaal zaken die al zijn geborgd in een KOMO-certificaat en de kwaliteitsborger niet nog eens hoeft te toetsen. Uitvoering op de bouw is nog wel een punt waar kwaliteitsborgers op toe zullen zien: komen alle elementen ook op een goede manier bij elkaar?

Kortom: certificeren van producten en processen loont onder de Wkb omdat het de benodigde inspanning van de kwaliteitsborger verlaagt.

Montage

Bedrijven die naast leveren van producten ook de montage doen, of dat door ingehuurde ploegen laten verzorgen, hebben nog iets om rekening mee te houden bij de Wkb. Zij vallen straks voor de wet onder de titel Aanneming van werk, wat inhoudt dat de aangegeven wijzigingen in het Burgerlijk Wetboek ook op hen van toepassing zijn. Daarnaast zullen houtbedrijven die als onderaannemer op projecten werken ook worden gevraagd mee te helpen het verzamelen van bewijs in de uitvoering, zoals het maken van foto’s.

Alleen gevolgklasse 1

Voor grotere projecten (Gevolgklasse 2 en 3) gaat de Wkb vooralsnog niet in. Daarnaast: veel kleinere bouwprojecten worden technisch vergunningsvrij. Dakkapellen en uitbouwen zijn dat nu ook als ze aan de achterzijde van een woning worden gerealiseerd, maar straks geldt dat ook als ze aan de voorzijde of zijkant van een woning komen.

Voor welstand en bestemmingsplan moet er dan nog wel een omgevingsvergunning komen, maar de gemeente gaat niet meer kijken naar technische tekeningen en berekeningen. Let wel: technisch vergunningsvrij betekent niet regelvrij: ofwel, ook die bouwwerken moeten voldoen aan het Besluit bouwwerken leefomgeving. Ook gelden de genoemde aanpassingen van het Burgerlijk Wetboek.

Prestatieladder

In aanloop naar de Wkb ontwikkelt de Vereniging Kwaliteitsborging Nederland (VKBN) samen met KOMO de Wkb- prestatieladder. De Wkb-prestatieladder is een nationale, breed afgestemde leeswijzer zodat iedere kwaliteitsborger in Nederland op dezelfde manier de bestaande kwaliteitsregelingen kan hanteren ten behoeve van de risicoreductie tijdens het bouwen.

Bestaande regelingen worden beoordeeld en scoren een bepaalde trede op de ladder. Dat bepaalt vervolgens welk stuk van de borging de kwaliteitsborgers zelf nog moeten doen.

SKH neemt de relevante beoordelingsrichtlijnen (BRL’s) op basis waarvan zij certificaten verstrekken momenteel onder de loep. Insteek: staan alle aspecten die raken aan het Besluit bouwwerken leefomgeving er in?

Cursus Wkb

Meer weten over de Wkb? Volg hier de online training van Online Bouw Academie. Abonnees van Houtwereld ontvangen een aantrekkelijke korting.

(Tekst: Paul Diersen, dit is een bijgewerkt artikel uit Houtwereld 9 van juli 2022)

4 reacties op “Wkb: Dit betekent de nieuwe wet voor de houtbranche

  1. […] Wkb: Dit betekent de nieuwe wet voor de houtbranche […]

  2. […] >> Lees hier meer over de gevolgen van de WKB.>> Vijf praktische vragen én antwoorden over de WKB. […]

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld.  Abonneer