Alle keurmerken voor hout, hun overeenkomsten en verschillen

Er zijn diverse keurmerken voor hout en houtproducten. Sommige keurmerken zeggen iets over de herkomst van het hout zoals FSC en PEFC, anderen over de kwaliteit van de bewerking van het hout, bijvoorbeeld Komo. We zetten hier alle keurmerken en hun betekenis op een rijtje.

In dit artikel de volgende keurmerken

In dit artikel behandelen we de in Nederland voorkomende keurmerken. De wereld kent tientallen initiatieven van duurzaam bosbeheer, certificaten en houtkeurmerken of kwaliteitslabels. Vaak zijn deze toegespitst op bos in een bepaalde regio of land. Zo kent Maleisië de Malaysian Timber Certification Scheme (MTCS), Canada de Canadian Standard Association (CSA) en de Verenigde Staten de Sustainable Forestry Initiative (SFI) en de American Tree Farm System (ATFS).

Het label SLS staat voor de Scandinavian Lumber Standard. SLS-hout is Noord-Europese vurenhout dat mensen vooral gebruiken als constructiehout binnen de houtskeletbouw (HSB). SLS constructiehout wordt op netto-maat geschaafd met ronde hoeken, op C18- C24 sterkte gesorteerd en kunstmatig gedroogd tot 18%. SLS hout is in alle handelsbreedtes en -lengtes leverbaar, maar heeft een vaste dikte, van 38 mm. CLS hout staat voor Canadian Lumber Standard. Dit hout komt dus uit Canada maar heeft grofweg dezelfde eigenschappen als SLS.

Alle beschikbare keurmerken van hout

Komo

Komo is een keurmerk dat je vindt op bouwproducten zoals kozijnen, maar ook op processen, diensten en personen in de woning, infra, water en utiliteitsbouw. Het is een onafhankelijk keurmerk. Alle Komo gecertificeerde producten voldoen aan de eisen van marktpartijen en overheden.

Wat is Komo?

Komo is een onafhankelijke stichting zonder winstoogmerk en opgericht in 1962. Doel: de bouwstroom overzichtelijk en de kwaliteit voor bouw en infra transparant maken. Komo doet dat door het uitgeven van certificaten, nadat objectief en door externe, onafhankelijke deskundigen (geaccrediteerde certificatie-instellingen) is vastgesteld dat een product, realisatieproces of dienst blijvend voldoet aan de eisen die zijn vermeld in een relevante, met alle partijen vooraf overeengekomen BeoordelingsRichtLijn (BRL).

Met de kwaliteitscontroles inzake het Komo-keurmerk zijn ieder jaar circa 600.000 manuren gemoeid.

Wat is een Komo-certificaat?

Een Komo-certificaat bestaat uit een attest en kwaliteitsverklaring, waarin vermeld wordt dat het product voldoet aan de eisen die opgesteld zijn in de nationale beoordelingsrichtlijn. Deze richtlijn vermeldt de eisen waaraan bijvoorbeeld een houten kozijn moet voldoen. De richtlijn is opgesteld door het College van Deskundigen van SKH, die kwaliteitscontroles uitvoert in de timmerbranche.

Een kozijn, raam of deur met Komo-keurmerk geeft aan dat het product voldoet aan de eisen die de overheid en de markt stellen aan kwaliteit, prestaties, duurzaamheid, en verwerkingsvoorschriften. Het geeft dus extra zekerheid over de kwaliteit van het product.

Reparaties en montage met Komo

Ook reparaties kunnen uitgevoerd worden onder Komo. Zo kan Repair Care reparaties op draaiende delen uitvoeren volgens Komo-keurmerk. Dit heeft SHR vastgesteld.

Daarnaast kun je ook een Komo-certificaat behalen op de montage van bijvoorbeeld hsb elementen. Veel houtskeletbouwbedrijven beschikken wel over een Komo-certificaat voor de productie van elementen in de eigen fabriek, gebaseerd op de BRL 0802 (Beoordelingsrichtlijn voor het procescertificaat voor montage van houten en houtachtige bouwdelen). Dat wordt dus gecontroleerd. Dat geldt niet voor de montage op de bouwplaats. Van der Meer Prefab uit het Friese Drogeham was een van de eerste bedrijven die dit proces succesvol liet beoordelen. Dat het bedrijf dit montageproces nu ook gecertificeerd heeft volgens de uitvoeringsrichtlijn URL 0802-0904 Montage en afmontage van houtskeletbouw is belangrijk voor de interne kwaliteit, maar ook belangrijk met het oog op de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) die op 1 januari 2024 in werking trad.

Het bedrijf: ‘Wij doen vaak de productie én montage van onze eigen elementen. Dan zou het zonde zijn om tegen een aannemer te moeten zeggen dat hij de montage en kwaliteitsborging zelf moet regelen. Nu hebben we ook dat aspect afgedekt. Daarmee wordt de controle door de kwaliteitsborger tijdens de bouw veel beperkter. Dat zou dus financieel voordeel voor de aannemer moeten opleveren.’

Gehele woningmodule met Komo

Een nieuwe ontwikkeling is de certificering van complete modules/types modulaire woningen. Zes verschillende industriële bouwbedrijven hebben een Komo-attest met productcertificaat ontvangen, waaronder ook houtbouwers Barli, Startblock en De Groot Vroomshoop. Het certificaat garandeert dat een module van een bepaald type verantwoord ontworpen en geproduceerd is. Het is een volgende stap in de seriematige bouw van houten huizen.

CE-markering

Een CE-markering (Conformité Européenne) is een merkteken dat je als leverancier, importeur of distributeur moet aanbrengen op producten als gevelbekleding of een houten vloer. De CE-markering voor massief hout en profielen als schroten en rabatdelen is sinds 1 juli 2008 verplicht.

Met een CE-markering verklaart de fabrikant onder eigen verantwoordelijkheid dat zijn product voldoet aan alle essentiële eisen van de toepasselijke EU-richtlijn(en). De wettelijke eisen voor CE markering staan in de verordening (EU) Nr. 305/2011 betreffende bouwproducten. Een product met CE-Markering voldoet niet automatisch aan het Bouwbesluit. Dit is ook afhankelijk van montage en toepassing.

Met het toepassen van de CE-Markering wordt vrije handel tussen lidstaten bevorderd, terwijl de veiligheid van alle producten gewaarborgd is of zelfs wordt verhoogd. Ondernemers mogen alle producten met een CE-markering vrij verhandelen binnen de EER. Nationale overheden mogen geen extra eisen stellen.

De CE-markering geeft aan dat het product voldoet aan wettelijke eisen die gelden binnen de Europese Economische Ruimte, EER, dit is de EU plus Zwitserland, Liechtenstein, Noorwegen en IJsland. Denk bijvoorbeeld aan eisen rondom brandveiligheid of gezondheid. Het Verenigd Koninkrijk (VK) is geen lid meer van de Europese Unie of EER. Toch accepteert de Britse markt de CE-markering meestal.

De CE-markering is er niet alleen voor hout, maar ook voor bijvoorbeeld speelgoed, mobiele telefoons en andere bouwproducten.

In de houtbranche moet je een CE-Markering toepassen wanneer je constructiehout verkoopt of als je handelaar/producent bent van vloeren, wanden of gevelbekleding. Ook als je bedrijf brandvertragend hout op de markt brengt, heeft dat product verplicht een CE-certificering nodig overeenstemming met EN 14915:2013. Heb je dat niet, dan mag je geen brandvertragend hout verhandelen.

De CE-markering is gebaseerd op diverse NEN normen

  • NEN-EN 14081 – Op sterkte gesorteerd hout met rechthoekige doorsnede (Constructief hout)
  • NEN-EN 14080 – Gelijmd gelamineerd hout en gelijmd massief hout
  • NEN-EN 15497 – Gevingerlast gezaagd hout voor constructieve toepassingen
  • NEN-EN 14915 – Wand- en gevelbekleding van massief hout
  • NEN-EN 14342 – Houten vloeren en parket

Als je als houthandelaar bijvoorbeeld zelf sorteert op sterkte, ben je ook verantwoordelijk voor de CE-markering op de partijen die je samenstelt.

Testen van de VVNH

De VVNH heeft diverse houtsoorten en -producten in een open gevelbekledingen getest op brandveiligheid. Dat heeft geresulteerd in negen houtsoorten die de leden met een prestatieverklaring met Eurobrandklasse D kunnen leveren.

Met het aanbrengen van de CE-markering geeft de producent/importeur aan dat het product aan alle van toepassing zijnde Europese regels voldoet en dat de conformiteits- of overeenstemmingsprocedures zijn voltooid. Bovendien moet hij in de meeste gevallen voor het betreffende product een prestatieverklaring (Declaration of Performance, DOP) hebben opgesteld. Sinds 1 juli 2013 is een DoP verplicht voor leveranciers aan de bouw.

In deze prestatieverklaring is de producent of importeur verplicht aan te geven dat het product voldoet aan alle van toepassing zijnde Europese richtlijnen. Daarnaast is de producent of importeur verplicht aansprakelijkheid te accepteren voor zijn product. Dit punt is extra belangrijk nu de WKB is ingevoerd, de Wet Kwaliteitsborging Bouw.

Is een onjuiste CE-markering strafbaar?

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) controleert CE-markeringen (en prestatieverklaringen) voor bouwproducten. ILT controleert vooral bij fabrikanten, importeurs en distributeurs. Overtreedt een ondernemer de regels? Dan kan hij een boete krijgen en in ernstige gevallen een gevangenisstraf. Een product kan ook uit de handel worden gehaald. Een voorbeeld van een overtreding is dat de verplichte CE-markering ontbreekt.

Recente inspecties

De Inspectie Leefomgeving en Transport (ILT) heeft in 2023 en 2024 inspectieprojecten uitgevoerd met resp. de focus op ‘constructief hout’ en ‘ramen en deuren’. Er werd onder meer gecontroleerd bij Megahout in Drachten en TPA in Amsterdam.

Een woordvoerder zegt er desgevraaagd over: ‘Dit soort inspecties kunnen om verschillende redenen worden opgestart, zoals ontwikkelingen in de markt of meldingen/signalen die ILT heeft ontvangen. De inspectie treedt doorgaans niet naar buiten met bedrijfsnamen, merken, uitkomsten van inspectierapporten e.d. De ILT hecht belang aan een zorgvuldig proces, waarin zij uiteraard wel contact houdt met betrokken partijen en belanghebbenden.’

De ILT controleert of de marktdeelnemers voldoen aan de Europese Verordening bouwproducten (305/2011). Bouwproducten waarvoor een zogeheten geharmoniseerde norm is opgesteld, moeten voorzien zijn van een CE-markering en een prestatieverklaring moet zijn opgesteld. Daarnaast moeten er ook andere relevante documenten beschikbaar zijn.

De ILT ziet toe op de volledigheid en de juistheid van de informatie die fabrikanten en overige marktdeelnemers verstrekken. Het doel van deze inspecties is het bevorderen van de veiligheid van producten, het bevorderen van een gelijk speelveld en transparantie in de markt en bewustwording creëren in de markt over CE-markering. Zie voor meer informatie CE-markering bouwproducten | ILT

Foutief handelen

Het onterecht aanbrengen van de CE-markering en/of opstellen en ondertekenen van de prestatieverklaring (ook wel: EG-verklaring van overeenstemming) is een economisch delict en valt in Nederland onder de Wet op de economische delicten. Ontdekt ILT (of de NVWA in andere gevallen) dat een product dat ten onrechte een CE-markering heeft? Dan kan de instantie maatregelen nemen, zoals de fabrikant verplichten om het product aan te passen; het product van de markt laten halen; (in ernstige situaties) strafrechtelijk vervolgen.

Is het product dat je verhandelt in de EU buiten de EER gemaakt? Dan moet je als importeur van het product controleren of het product voldoet aan de eisen. En dus ook of het product de CE-markering moet krijgen.

In bijzondere gevallen mag een fabrikant afwijken van de verplichte CE-markering. Bijvoorbeeld voor bouwproducten die op een traditionele manier worden gemaakt. Zoals materialen voor monumenten.

Experts zoals EIB (Ingenieursbureau Evan Buytendijk) kunnen houtbedrijven helpen bij het CE-traject. Dit kan ook SKH doen. In Nederland is alleen SKH in Wageningen aangewezen als notified body bij CE-markering van gevingerlast hout volgens NEN-EN 15497.

FSC

De Forest Stewardship Council (FSC) is een internationale organisatie die zich inzet voor het behoud van bossen en verantwoord bosbeheer wereldwijd. Verantwoord bosbeheer omvat meer dan alleen houtkap, het houdt ook rekening met het sociale en economische welzijn van werknemers en lokale gemeenschappen, en transparantie en inclusiviteit bij besluitvorming. FSC werd in 1993 in Toronto opgericht op initiatief van milieuorganisaties uit 25 landen.

FSC is dus een internationale keurmerk met eisen voor duurzaam en sociaal bosbeheer. FSC werkt samen met overheden, bedrijven en milieuorganisaties en stimuleert zo verantwoord bosbeheer wereldwijd.

FSC kent twee vormen van certificering: certificering van bosbeheer (FM) en certificering van bedrijven, de Chain of Custody (CoC). Het gecertificeerde bedrijf maakt dan ook deel uit van deze Chain of Custody en is daarmee een schakel in de handelsketen van bos tot eindgebruiker, van hout uit duurzaam beheerde bossen.

Chain of Custody betekent vrij vertaald: keten van verantwoording. Hiermee wordt binnen FSC maar ook binnen PEFC bedoeld dat alle schakels in de keten van bos tot consument verantwoord en duurzaam met hout omgaan. En elke schakel in de complete keten dient te beschikken over een geldig FSC-certificaat. Elke schakel controleert de herkomst van het hout dat hij inkoopt/

Een FSC-keurmerk is te vinden op producten van massief hout maar ook op producten waarin hout of houtvezels zijn werkt. Denk aan plaatmateriaal, deuren en papier.

Hoeveel bos heeft het FSC Forest Management certificaat?

  • Wereldwijde FSC-gecertificeerde bossen (hectare): 159.687.801
  • Wereldwijde FSC chain-of-custody certificaten: 59.061
  • Wereldwijde FSC keurmerk licenties: 1.725
  • Nederlandse FSC-gecertificeerde bossen (hectare): 164.454
  • Nederlandse FSC chain-of-custody certificaten: 1.256
  • Nederlandse FSC keurmerklicenties: 69

(bron: FSC Jaarverslag 2023)

FSC onderscheidt de volgende certificaten:

  • FSC Groepscertificaat – Maximaal 15 fte of maximaal 25 fte, maar met een maximale jaaromzet van één miljoen Amerikaanse dollar (± €900.000). Groepsleden krijgen dezelfde FSC-licentie- en FSC-CoC-code als de groepsmanager. De FSC CoC-code krijgt echter een toevoeging (bijv. NC-COC-029615-ZZ) wat het nummer van elk bedrijf uniek maakt. Een groepscertificaat is goedkoper dan een individueel certificaat.
  • FSC Projectcertificaat – Individuele bouwprojecten kun je per project certificeren. De opdrachtgever (of het bouwbedrijf) zorgt dan dat er voor het betreffende project een eigen FSC®-controlesysteem bestaat. Voor ieder project vindt er een ingangsaudit en een afsluitende audit plaats. Hierdoor liggen de kosten relatief hoger dan bij een groepscertificaat.
  • Individueel FSC certificaat – Voor bedrijven met meer dan 15 FTE. Duurder dan een groepscertificaat.
  • Multisite FSC certificaat – Voor grotere ondernemingen met meerdere vestigingen. Daarbij treedt een centraal onderdeel van het bedrijf op als beheerder dat er voor zorgt dat alle vestigingen zich aan de regels houden.

Wat kost het FSC keurmerk mij als houtbedrijf?

Voor een individueel bedrijf zijn er vaste kosten voor de initiële certificering (een volledige ‘audit’ die iedere 5 jaar wordt herhaald) en de jaarlijkse vervolgaudits. De tarieven worden per certificeerder vastgesteld, maar zijn onderling vergelijkbaar. De orde van grootte voor initiële certificering bedraagt  € 1500,- tot € 2500,- voor een middelgroot bedrijf.

Groepscertificering

De tarieven voor groepscertificering (voor kleinere bedrijven met maximaal 15 FTE) zijn aanzienlijk  lager. Orde van grootte: € 750,- tot maximaal € 1250,- per jaar.

Projectcertificering

De kosten van projectcertificering zijn van dezelfde orde van grootte als individuele certificering, maar afhankelijk van de complexiteit van het project. Actuele tarieven zijn aan te vragen bij de certificeerders.

Vaste bijdrage

Naast de kosten voor audits betalen gecertificeerde bedrijven een vaste bijdrage aan FSC International, de eigenaar van het FSC-keurmerk. De hoogte van deze zogenaamde Annual Administration Fee (AAF) is afhankelijk van de hout- of papieromzet van het bedrijf. De bijdrage varieert van minimaal 28 US$ tot maximaal 53.000 US$ per jaar (multi-site met een houtomzet van meer dan 5 miljard US$ per jaar).

Indirecte kosten

Tot slot dient een bedrijf rekening te houden met interne kosten die samenhangen met bijvoorbeeld kenniswerving/cursussen of de benodigde aanpassingen van de administratie of organisatie.

PEFC

PEFC is ook een internationaal keurmerk dat staat voor Programme for Endorsement of Forest Certification. Het wordt gebruikt voor hout- en papier(producten) en wordt wereldwijd gesteund door overheden, bedrijven en regionale organisaties. Het hout dat een PEFC-keurmerk bedraagt is afkomstig uit maatschappelijk verantwoord beheerde bossen. PEFC heeft ruim 1 miljoen boseigenaren met samen meer dan 325 miljoen hectare bosoppervlak.

Sinds kort kunnen in Nederland ook bomen buiten het bos in aanmerking komen voor een PEFC keurmerk. In Nederland staan 182 miljoen van de circa 340 miljoen bomen buiten het bos. In steden, dorpen, langs akkers en weilanden bijvoorbeeld. ‘Het is van belang dat ook deze bomen duurzaam beheerd worden, zodat toekomstige generaties profijt hebben van bomen,’ stelt PEFC.

PEFC

Het is een internationaal onafhankelijk keurmerk ter bevordering van duurzaam bosbeheer. Om producten met een PEFC keurmerk te mogen verkopen moet elk bedrijf in de handelsketen PEFC gecertificeerd zijn. Om PEFC gecertificeerd te zijn is het onder andere nodig dat een bedrijf beschikt over PEFC procedures. Dit zijn afspraken over hoe je de PEFC activiteiten in je bedrijf uitvoert.

Het PEFC-keurmerk geeft kopers van het hout de garantie dat het hout uit duurzaam beheerde bossen afkomstig is en dat ze bijdragen aan meer duurzaam bosbeheer wereldwijd waarbij aandacht is voor mens, milieu en economie. Als je als houthandelaar het PEFC Chain of Custody certificaat bezit kan je dat kenbaar maken naar klanten door het PEFC logo op producten te (laten) plaatsen.

De Europese Unie heeft PEFC opgenomen in haar Duurzaam Inkoopbeleid.

PEFC Nederland is een vereniging

PEFC Nederland is een vereniging. Elke persoon of organisatie die de doelstellingen ondersteunt kan bijzonder lid worden. Leden kunnen in de algemene ledenvergadering meebeslissen over de door PEFC Nederland te varen koers. Boseigenaren, bosbeheerders, ondernemingen in hout, papier en biomassaverwerking, bedrijven in de handelsketen, non-profit organisaties, vakbonden en brancheverenigingen: iedereen is welkom om samen met ons het PEFC-keurmerk goed op de kaart te zetten. PEFC-gecertificeerde bedrijven en boseigenaren zijn automatisch lid van de vereniging.

De kosten voor certificering verschillen per type lidmaatschap en de omzet van het houtbedrijf.

Concurrerende keurmerken

Eigenlijk zijn FSC en PEFC concurrerende keurmerken die wel streven naar hetzelfde doel. Dat er wel degelijk concurrentie plaatsvindt bewijst het praktijkvoorbeeld. Een deurenfabrikant wil de XPS isolatie in een FSC-gecertificeerde deur vervangen door houtvezelisolatie, met PEFC Keurmerk. Het FSC-keurmerk op de gehele deur komt dan echter te vervallen. Directeur Wyke Smit bevestigt dit. Ze adviseert een FSC-mix claim. Hier komt de deur voor in aanmerking mits voor het PEFC-deel wordt aangetoond dat het voldoet aan FSC Controlled Wood. ‘FSC is gewoon geen generiek duurzaamheidskenmerk,’ verklaart ze. ‘Hopelijk kan de fabrikant een leverancier strikken om FSC-gecertificeerde biobased houtvezel isolatieplaat aan te gaan bieden.’

STIP

STIP is een certificatieregeling die tot stand is gekomen op initiatief van SHR. De STIP-certificatieregeling is goedgekeurd door de Toetsingscommissie Inkoop Hout (TPAC; Timber Procurement Assessment Committee). Sinds 2020 is STIP ook geaccepteerd voor het Rijksinkoopbeleid voor hout.

Wil je als houtbedrijf in aanmerking komen voor het STIP-certificaat dan mag alléén hout inkopen en dus verkopen dat verantwoord geproduceerd is. Oftewel, hout dat afkomstig is uit door TPAC goedgekeurde bosbeheersystemen.

het hout keurmerk stip

Hout dat voldoet aan categorie A bewijs (certificatiesystemen) van de Dutch Procurement Criteria for Timber ten aanzien van verantwoord bosbeheer en de handelsketen. De criteria zijn te vinden op www.tpac.smk.nl, onder “Documents”. Het hout is geaccepteerd door de “State secretary for the Dutch Procurement Policy”.

Het gaat hierbij om aantoonbaar verantwoord geproduceerd hout, claims als FSC 100%, FSC Mix Credit, FSC Mix ≥70% en ≥ 70% PEFC gecertificeerd zijn toegestaan, de claims “FSC ® Controlled Wood”, PEFC Controlled Sources of Keurhout legaal zijn derhalve uitgesloten van deze regeling.

Houtkeurmerken mengen onder STIP

Aangezien een STIP-bedrijf meerdere toegelaten systemen mag mengen met diverse claims geldt voor STIP de laagst gehanteerde claim; 70%.

Keurhout

Keurhout staat voor het inrichten en beheren van een betrouwbaar en vooral praktijkgericht systeem voor de handselsketencontrole op hout(producten). Het hout is afkomstig uit toegelaten bosgebieden waarvan de duurzaamheid en de legale herkomst gegarandeerd kunnen worden.

Onder Keurhout mag je PEFC en FSC gecertificeerd hout mengen.

Keurhout is in 1996 met (financiële) steun van en in nauwe samenwerking met de Nederlandse overheid opgericht door bedrijfsleven (handel, verwerkende industrie) en vakbonden. Tot eind 2003 functioneerde Keurhout als een stichting. Vanaf 1 januari 2004 wordt de dienstverlening van Keurhout gefaciliteerd door de VVNH, de Koninklijke Vereniging Van Nederlandse Houtondernemingen.

De VVNH vervult de bestuurstaken, neemt strategische besluiten m.b.t. het Keurhout-systeem, stelt de protocollen vast, voert de ledenadministratie  en financiert de diverse onderdelen. De VVNH treedt daarmee op als Keurhout Management Autoriteit (KH-MA).

Bedrijven die hout- en houtproducten fysiek verhandelen en/of verwerken kunnen deelnemer worden van Keurhout door:

  • het tekenen van de Keurhout-deelnemersovereenkomst
  • het voldoen van de jaarlijkse Keurhout-deelnemersbijdrage
  • zich jaarlijks te laten controleren of wordt voldaan aan de handelsketeneisen (CoC) door een bij Keurhout geregistreerde certificeringsinstelling.

Wanneer aan deze drie voorwaarden is voldaan, is het bedrijf Keurhout-deelnemer en daarmee gerechtigd hout te verkopen met een Keurhout-keur en de gedeponeerde logo’s te gebruiken voor on-productlabelling. Bedrijven die nog niet, of op enig moment niet, aan alle drie voorwaarden voldaan hebben, worden gezien als aspirant-deelnemers zonder bovengenoemde rechten.

keurhout een keurmerk voor hout

De kosten voor deelname aan Keurhout bestaan uit de jaarlijkse deelnemersbijdrage en de kosten van de handelsketen controle door de certificerende instelling.
De jaarlijkse bijdrage voor deelname aan Keurhout is verschuldigd aan de Koninklijke Vereniging Van Nederlandse Houtondernemingen (VVNH), eigenaar van het Keurhout-systeem.

Voor de jaarlijkse deelnemersbijdrage wordt nu onderscheid gemaakt tussen VVNH-en niet-VVNH-leden. Het onderscheid tussen importerende bedrijven en niet-importerende bedrijven is afgeschaft. Daarnaast is voor bedrijven met meer dan één locatie (multi-site) de staffeling op basis van het aantal filialen per bedrijf komen te vervallen.

Type vestigingBedrag (2024)
Individueel bedrijf€ 850,-
Hoofdbedrijf of groepsleider€ 850,-
Filiaal of groepsdeelnemer€ 400,-
VVNH-lid (per vestiging)€ 200,-

Voor het aanvragen van een nieuwe validatie door het College van Deskundigen worden apart kosten in rekening gebracht, op offertebasis. De kosten van de handelsketencontrole staan los van de bovengenoemde jaarlijkse deelnemersbijdragen. 

HOUT100%


HOUT100% is geen onafhankelijk keurmerk, maar een kwaliteitslabel voor duurzame houten gevelelementen. Het biedt afnemers product-, prestatie- en exploitatiezekerheid volgens bijbehorende kwaliteitsnormen en controles. De zekerheid wordt geborgd met controles die online te volgen zijn door afnemers.

Hout100% komt voort uit de Stichting Gevel Timmerwerk (SGT), opgericht in december 1982. Oorspronkelijk was dit een garantiefonds. In 2016 volgde de ommekeer naar communicatie en voorlichting onder het label Hout100%.

Eric kouters van het kwaliteitslabel hout100%
Erik Kouters

De inspecties op de bouwplaats die in het kader van het garantiefonds al plaatsvonden, zijn echter gebleven. Naast directeur Eric Kouters werken er nog twee mensen voor SGT, Anoushka Mulder (communicatie) en Richard Groothuis (techniek). Samen vervullen ze 1 fte. De contributie bestaat uit een vast basisbedrag en een percentage van de jaaromzet van de deelnemer. In Nederland steunen ongeveer 70 bedrijven Hout100%. Zij zijn tevens verplicht aangesloten bij de NBVT.

FLEGT-licenties

Het Forest Law Enforcement, Governance and Trade (FLEGT) Action Plan van de EU heeft als doel om illegale houtkap te bestrijden en duurzame bosbeheerpraktijken te bevorderen. FLEGT-licenties worden uitgegeven aan landen die een vrijwillig partnerschapsovereenkomst (VPA) met de EU hebben gesloten. Hout met een FLEGT-licentie wordt als legaal beschouwd onder de EUTR. Flegt is niet afdoende om ook aan de EUDR te voldoen.

FLEGT-vergunningen bevestigen de legaliteit van het hout en maken het mogelijk dat de houtproducten de EU-markt betreden zonder dat er due diligence-stappen moeten worden doorlopen. Maar Flegt alleen toont dus niet aan dat hout ontbossingsvrij is volgens de EUDR.

Momenteel hebben 6 landen een VPA (vrijwillige partnerschapsovereenkomst oftewel een Voluntary Partnership Agreement ondertekend: de Centraal-Afrikaanse Republiek, Ghana, Kameroen, de Republiek Congo, Liberia en Indonesië. De VPA’s moeten nog door de EU per land worden geratificeerd (van kracht worden verklaard).

Indonesië en Ghana

Alleen Indonesië mag al FLEGT-vergunningen afgeven. Ghana levert in de zomer van 2025 het eerste hout aan de EU met FLEGT-vergunning.

In Nederland controleert de NVWA de FLEGT-vergunningen. Als je en CITES-vergunning hebt gekregen voor je partij hout, dan hoef je voor dezelfde zending geen FLEGT-vergunning aan te vragen. Vermeld bij de douaneaangifte de bescheidcode Y070.

De exporteur vraagt de FLEGT-vergunning aan. Je bent er wel zelf verantwoordelijk voor dat de vergunning op de juiste manier wordt ingevoerd in Client. Je moet de originele vergunning bij de NVWA inleveren.

Tips uit de praktijk voor het omgaan met keurmerken

Partijen hout mengen
In praktijk worden verschillende partijen hout met een FSC of PEFC-keurmerk, of partijen zonder keurmerk, nog wel eens met elkaar vermengd. Dat mag niet. Automatisering kan dit voorkomen – ook bij kleine bedrijven. Daarnaast is communicatie belangrijk. Iedereen die met het hout werkt moet op de hoogte zijn, dit gaat dus ook om discipline.

Er zijn keurmerken (bijvoorbeeld Keurhout) waar menging is toegestaan, maar veel opdrachtgevers (zeker overheden of woningbouw) eisen vaak FSC of PEFC.

Verkeerd inboeken
Een andere veelvoorkomende fout het verkeerd inboeken van hout. Partijen FSC die als PEFC worden ingeboekt, of andersom. Of niet gecertificeerd materiaal dat opeens wel een keurmerk krijgt. ‘Soms is een order veranderd, kon iets niets uitgeleverd worden en controleert niemand de levering met de gemaakte afspraken. Dat zien we echt nog regelmatig. Let altijd op het juiste CoC-nummer (certificaat)- en claim. Heeft de leverancier wel een geldig certificaat? Is het nog niet verlopen? Het klinkt kinderachtig maar je moet checken of het bedrijf (nog steeds) in de betreffende database staat met een geldig certificaat.

Alleen gecertificeerd hout
Voor naaldhout is het niet zo ingewikkeld om volledig met gecertificeerd hout te werken, maar voor hardhout of plaatmateriaal wordt dat lastiger. Als je daar wilt gaan werken met 100 procent gecertificeerd hout wordt het aanbod een stuk kleiner.

Kiezen voor één keurmerk
Kun je als houthandelaar kiezen voor één keurmerk om problemen met vermenging of verkeerd inboeken te voorkomen? ‘In theorie kan dat. Maar in praktijk kom je dan in de knel met je assortiment. Of je moet gespecialiseerd zijn in bepaalde houtsoorten en herkomsten. Als je een brede range internationale producten voert heb je al snel te maken met meerdere keurmerken. Zo laat Staatsbosbeheer in Polen het FSC-keurmerk steeds meer los en passen ze PEFC juist meer toe. Het grootste aandeel CLT op de markt heeft ook het PEFC-keurmerk. En houtvezelisolatieplaten zijn er bijna alleen met PEFC.