Reportage: de oogst van keruing in Maleisië (met video)

Houtkap van een keruing in Maleisie, hoe duurzaam is het?

Maleisië streeft ernaar om in 2030 de helft van al haar bos gecertificeerd te krijgen onder MTCS, een systeem dat is erkend door PEFC. Dit doel toont aan dat het land ervan doordrongen is om haar bossen duurzaam te beheren. Houtwereld mocht live meekijken. Helaas gaat ook hier niet alles van een leien dakje en concurreert houtoogst stevig met oliepalmen.

Houtwereld gaat diep het inlandse bos in om te aanschouwen hoe Maleisië omgaat met haar PEFC-gecertificeerde bossen. Azni Rahman van het Forestry Department neemt ons – een groep journalisten – letterlijk mee naar de bron, in dit geval een keruing, in Papulut Forest, in Perak, een van de 13 staten van Maleisië.

Perak bevindt zich op het landdeel dat in het noorden grenst aan Thailand en in het zuiden aan Singapore. Dit deel van Maleisië beslaat ruim 13 miljoen hectare, waarvan ruim 5,7 miljoen hectare bos is (44 procent, data 2023). Heel Maleisië is met 18,27 miljoen hectare 8 keer zo groot als Nederland en bestaat ongeveer voor 50 procent uit bos. Toch is de houtindustrie, goed voor 1,5 procent van de totale exportwaarde, relatief klein.

Belang hout Maleisie

Moederbomen niet gekapt

Terug naar het Papulut Forest. Op de motorkap van een van de jeeps waarmee we de tijdelijke weg hebben getrotseerd, spreidt Rahman een kaart uit. Wijst aan waar we ons bevinden, bewijst dit met de coördinaten op een gps tracker en doet de regels uit de doeken voor het duurzame bosbeheer. ‘Per hectare mogen we maximaal 12 bomen oogsten, een dipterocarp (verzamelnaam voor tropisch hardhoutsoorten) moet minstens 65 cm doorsnede hebben, we blijven af van bepaalde oude moederbomen die hun zaad verspreiden voor nieuwe aanplant en 38 soorten mogen helemaal niet worden gekapt. Binnen tien meter van rivieroevers kappen we niet en ook niet op te steile hellingen. Als de chauffeur van de truck met stammen niet over de juiste papieren beschikt, leggen we het transport stil.’ En zo volgt er nog een heel rijtje eisen, beheersplannen en maximum aantallen te oogsten kuubs. Voor dit gebied in deze ronde is het 4.166,32 kuub. Ondertussen mag de lokale bevolking bijvoorbeeld vruchten plukken en zo ook profiteren van het bos. En dat zien we ook daadwerkelijk gebeuren. Al geloven we bijna niet dat ze met hun scootertjes de heuvel op zijn gekomen.

Video: de kap van keruing AK 96563

Merantie, keruing, bangkirai, merbau

Geliefde Maleise hardhoutsoorten op de Nederlandse markt zijn meranti, keruing, bangkirai en bijvoorbeeld merbau. De boom die voor onze ogen gekapt wordt, is keruing, met nummer AK 96563. Azni Rahman wijst de labels op de stam aan. Vijf stuks, voor elk deel van de gezaagde stam één label. Daarnaast pakt hij er de lijst bij met alle bomen die deze ronde in dit gebied gekapt zijn of worden. Dit is bepaald tijdens de bosinventarisatie, onderdeel van het pre-velling traject. Alle betrokken bomen zijn voorzien van een kapmarkering. Waar de stammen na afloop naar toe gaan, hangt af van de koper. ‘Deze kiest zelf de zagerij.’ Rahman en zijn collega’s werken nu nog uitsluitend op papier. ‘Maar we werken aan digitalisatie,’ zo vertelt hij. ‘Hopelijk hebben we dat volgend jaar voor elkaar.’

Palmolie

Houtwereld nam van 9 tot en met 14 november op uitnodiging van Malaysian Timber Council (MTC) deel aan het Fiepprogramma, het Forestry & Industry Experience Programme gecombineerd met de Malaysian Wood Expo en Conference. Als een van de zeven deelnemers zagen we hoe Maleisië haar bossen probeert te beheren, te beschermen en te exploiteren. De tour ging van de expo in hoofdstad Kuala Lumpur diep de bossen in, naar mangrove (moeras), peat swamp (veen), inlands bos en een plantage met eucalyptusbomen. Tenslotte zien we in een fabriek van Weng Meng hoe lokaal meranti wordt gebruikt voor deuronderdelen. Deze onderneming maakt overigens ook werk van de grote hoeveelheid palmolieplantages in het land en produceert van de stammen een product dat hout kan vervangen, bijvoorbeeld in binnendeuren, als tafelblad of aanrechtblad. ‘Het verdienmodel van het bos is belangrijk,’ zegt Azad Rushidi-Ajadshidee van MTCC, Malaysian Timber Certification Council tijdens de tour. ‘De concurrentie tussen hout en palmolie is hevig.

Ecotoerisme

Het verdienmodel van oliepalmen voor grondeigenaren is op korte termijn goed,’ stelt hij. ‘Vier jaar na het aanplanten kun je oogsten en dat kan vervolgens twee keer per maand gedurende 20 tot 25 jaar. Daarna moet je weer nieuwe palmen aanplanten. Het is aan ons om landeigenaren te ondersteunen met advies, training en praktische hulp zodat ze het oorspronkelijke bos behouden. Ik denk dat nu al dik 12 procent van het landoppervlak bestaat uit oliepalmplantages. We moeten mensen van het verdienmodel van bos overtuigen. Dat bestaat niet alleen uit houtoogst, maar ook uit vruchten en noten. Wellicht andere vormen van agroforestry.

Ook is het ecotoerisme in opkomst.’ Een voorbeeld zien we tijdens FIEP in het Matang Mangrove Forest Reserve. Hier wordt ruim 40.000 hectare mangrove bos duurzaam beheerd, al sinds 1902! ‘Het hout dat we hier oogsten, verwerken we voornamelijk tot houtskool (52.284 ton per jaar), een ander deel verkopen we als rondhout voor lokale wegen- en woningbouw. Ook vissers gebruiken het hout om hun netten aan vast te maken. Voor export als constructiehout is het niet geschikt. En inderdaad is een relatief nieuwe inkomstenbron voor ons het eco-toerisme. Zo komen hier veel vogelaars,’ zo vertelt de directeur ter plekke.

Rushidi-Ajadshidee van MTCC neemt het woord weer. ‘Wij proberen het areaal gecertificeerd bos in heel Maleisië te vergroten. Met als doel 50 procent in 2030. We zijn er van doordrongen hoe belangrijk ons bos is, niet alleen voor Maleisië, maar voor de wereld. Op het schiereiland Maleisië certificeert MTCC alleen PRF’s (permanent reserved forest); in Sabah en Sarawak promoten we certificering voor elk bosgebied dat in aanmerking komt volgens de regionale wetgeving. Momenteel is er 5,8 miljoen hectare gecertificeerd, dit is inclusief een kleine 150.000 hectare aan plantagebos.’

PEFT en TPAC

Al sinds begin vorige eeuw beschermen diverse lokale wetten het Maleise bos, in 2009 is het lokale Malaysian Timber Certifi cation Scheme (MTCS) erkend door PEFC. Dit betekent dat producten met het PEFC-keurmerk, die uit MTCS-gecertificeerde bossen komen, volledig worden geaccepteerd als duurzaam geproduceerd hout, ook binnen het inkoopbeleid van de Nederlandse overheid. Vrij recent stelde TPAC dit nog ter discussie, na klachten van ngo’s. Na een boekenonderzoek en een inspectie ter plekke begin 2025 is dit wel weer gladgestreken.

TPAC is het orgaan dat houtcertificeringen toetst aan de Nederlandse inkoopcriteria voor duurzaam hout. Het is een onafhankelijk adviesorgaan dat de Nederlandse overheid ondersteunt bij het verplichte beleid om alleen duurzaam hout te gebruiken.TPAC concludeert: ‘Er is bereidheid om kritische kwesties professioneel en openlijk te bespreken en er is bereidheid om aanpassingen door te voeren die MTCS en PEFC sterker maken.’ RushidiAjadshidee van MTCC is blij dat het issue uit de wereld is. ‘Ik zat er behoorlijk mee in m’n maag omdat Nederland een vrij grote afnemer is voor leden van MTC.’

‘Brussel overschat zich met EUDR’

Ingvar Kristensen, inkoper bij Dekker Hout en spreker op de Wood Expo, deelt los van bovenstaande kwestie – een compliment uit aan Maleisië. ‘PEFC is hier echt goed ontwikkeld en het areaal gecertificeerd bos is relatief hoog voor een land in deze regio. Daarnaast zie ik dat veel bedrijven ver zijn in het traject om het certificaat te behalen. Voor onze firma is Maleisië mede daarom een heel belangrijk herkomstland. Het aandeel ruw gezaagd hout dat we hier inkopen daalt wel, het worden steeds meer halffabricaten, al dan niet onder KOMO.

Of Maleisië klaar is voor de EUDR (wanneer deze anti-ontbossingswet dan ook ingaat), kan Kristensen niet zeggen. ‘Heel veel van onze leveranciers zijn wel klaar. Ze kunnen ons als importeur geolocaties van de kapgebieden aanleveren. Echter gebeurt dit nog niet altijd digitaal en als dat wel het geval is, is het maar de vraag of de systemen goed koppelen met elkaar en de gegevens goed overnemen. Het juist uitwisselen van al die data is de grote uitdaging. De gegevens zelf zijn er wel.’ De inkoper ziet een groter probleem als de regels van de EUDR niet worden versoepeld. ‘Leveranciers haken dan af en bieden hun producten op andere markten aan. Met de huidige lage vraag vanuit Europa overschat Brussel zichzelf. Als de regels zo ingewikkeld blijven en leveranciers willen zich niet branden aan Europa dan schiet de EUDR zijn doel voorbij. En voor landen als Maleisië, waar hard gewerkt wordt aan uitbreiding van de arealen duurzaam bos, zou dat een groot verlies zijn.’

Foto’s Maleisie kap keruing AK 96563

(klik op de afbeeldingen voor een vergroting)


Lees ook:

Mis niets meer met Houtwereld in print of digitaal

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld.  Abonneer