Paviljoen gebouwd met lokaal douglas en restafval van fraké

houten gevels van the place to be in zelhem

De logiesgebouwen van The Place to Be in Zelhem hebben een opvallende gevel van panelen met latjes in een visgraatmotief, met daartussen verticale douglas regels. Minstens zo bijzonder is de herkomst van het hout: afvallatjes van fraké en douglas van het aangrenzende landgoed Slangenburg.

Biobased, circulair en lokaal. Dat waren de uitgangspunten van opdrachtgever Chris van Bokhorst voor de uitbreiding van retraitecentrum ‘The Place to Be’ nabij Zelhem. Dat begon toen Staatsbosbeheer douglas oogstte op het omringende landgoed Slangenburg. Van Bokhorst kon een hele partij van dit hout kopen, dat hij door Assink Hout uit Rietmolen liet verzagen en bewerken. Dat douglas komt op diverse plekken terug, zoals in de houtskeletbouwconstructie, de dakbalken en de verticale regels in de gevel. Van de schaaldelen die na het zagen van balken overbleven, zijn nog weer planken gezaagd. Die zijn op wanden en plafonds toegepast op de plekken waar dat kon en geen gipsbeplating nodig was vanwege brandveiligheid.

De isolatie van de hsb-constructie is eveneens biobased en lokaal. Van Bokhorst koos voor lokaal geteelde gewassen: miscanthus en stro. Die zijn geleverd door het Grondstoffen Collectief en ingeblazen in de hsb-constructie door Prefab Strobouw Nederland. Aanvullend is nog gebruik gemaakt van Metisse, dat gemaakt is van ingezamelde spijkerbroeken. Als plaatmateriaal is gebruik gemaakt van Agepan (ecologisch mdf) en ESB (ecologisch OSB).

Circulaire reststromen

Voor de gevelbekleding ging Van Bokhorst op zoek naar circulaire reststromen. ‘Dat kan hier heel mooi via Stadsmijn Achterhoek, dat handelt in circulaire reststromen. Daar vonden we latjes van fraké. Die worden gebruikt als afstandshouder tussen het hout als dat de oven ingaat. Daarna worden ze afgedankt.’

Van die latjes heeft ecologische en circulaire bouwer HERbouw gevelpanelen gemaakt. Bokhorst kwam dit jonge aannemersbedrijf op het spoor toen dat bedrijf bouwde aan een paviljoen op natuurbegraafplaats Slangenburg. Lennart Wildeboer van HERbouw: ‘Het waren allemaal restlatjes van ongeveer 2 x 2 centimeter. Die hebben we in visgraatmotief op achterhout getackt, met daartussen steeds naden van ongeveer 3 mm, ter bevordering van de droging. Daarna hebben we de randen afgezaagd op de juiste maat van de gevelpanelen. In totaal hebben we zo in onze werkplaats in drie maanden tijd 17.000 latjes verwerkt in 220 gevelpanelen. Kennis van ecologisch bouwen is één, maar werken met de onvoorspelbaarheden van tweedehands materialen is nog een vak apart.’

De panelen zijn tegen de hsb-constructie geplaatst, waarna de verticale naden tussen de panelen afgedekt zijn met douglas regels. Van Bokhorst: ‘De maatvoering is zo uitgekiend dat deze verticale regels precies aansluiten op de overstekende dakbalken.’

Materialen bepalen ontwerp

Het ontwerp voor de logiesgebouwen is gemaakt door Overtreders W. ‘We hebben een aantal architecten benaderd, maar die willen toch vooral graag hun eigen ideeën uitvoeren’, zegt Van Bokhorst. ‘Overtreders W kende ik vanuit mijn vorige werk, onder andere van hun paviljoen op de Dutch Design Week. Zij zijn veel meer productontwerpers en hebben een heel bijzonder ontwerp gemaakt. Zo hebben ze ook de plattegrond heel creatief opgelost. Het paviljoen staat op de fundering van een oude ligboxenstal, wat natuurlijk heel mooi hergebruik is. Maar die stal telde 450 m2 en wij mochten 350 m2 herbouwen. Overtreders W heeft niet simpelweg een smaller pand gemaakt, maar heeft er happen uit gehaald, onder meer in het midden. Daardoor ontstaat een heel mooi ensemble van drie gebouwen, waarin de contouren van de ligboxenstal nog te zien zijn.’

Reinder Bakker van Overtreders W: ‘We zijn begonnen met een ruimtelijke studie. Door de contouren te handhaven en er een L-vorm uit te snijden ontstaan eigenlijk drie aparte gebouwen, waarbij alle logiesruimtes van buitenaf bereikbaar zijn. We konden daardoor besparen op verkeersruimte. Vervolgens zijn we gaan kijken naar de beschikbare materialen. Dat moest lokaal, biobased en circulair zijn, waarbij het wel een betaalbaar gebouw moest worden. Met de beschikbare materialen zijn we ons ontwerp gaan maken. Die beschikbare materialen vormen daarbij het kader. Ik vind dat wel mooi ontwerpen. Dat is een leuke puzzel. Al viel het in dit geval nog wel mee doordat het douglas op maat kon worden gezaagd.’

EU-subsidie

Met deze aanpak van het hele bouwproces is een lokale keten voor biobased bouwen in de Achterhoek gerealiseerd, zo stelt Van Bokhorst: hout van het Landgoed waar het gebouw staat; stro en Miscanthus uit de Achterhoek waarmee de buitenschil geïsoleerd is; afvalproducten via de Stadsmijn Achterhoek in Groenlo. Omdat dit project vanuit het perspectief dat het oogsten van lokale gewassen innovatief is, ontvingen de initiatiefnemers een subsidie uit het Europees landbouwfonds voor plattelandsontwikkeling. Dit project past in een bredere ontwikkeling van samenwerking tussen boeren, bouwers en projectontwikkelaars die moet bijdragen aan de grondstoffentransitie.

Foto’s: Jorn van Eck

Mis niets meer met Houtwereld in print of digitaal

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze site gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie gegevens worden verwerkt.

Word nu abonnee van Houtwereld.  Abonneer