Webo en Helwig hebben in opdracht van TNO een prefab gevelsysteem gemaakt met gerecycled hout en andere biobased materialen. Het door SKH KOMO-gecertificeerde houtskeletbouwelement is ontwikkeld voor het project Emissieloos (of liever gezegd: emissiearm) Bouwen. Bijzonder is dat dit het eerste gevelsysteem in zijn soort is dat aantoonbaar voldoet aan de Europese brandveiligheidsklasse B.
TNO startte enige tijd geleden een onderzoek naar biobased gevelelementen die off-site geproduceerd worden. De inzet: een forse reductie van de CO2– en stikstofuitstoot. Het onderzoeksinstituut schakelde de ervaren timmerfabrikanten Webo en Helwig in voor ontwerp en bouw van het beoogde gevelsysteem.
In eerste instantie hebben de bedrijven diverse opbouwvarianten geanalyseerd op milieu-impact, waaronder CO2– en stikstofuitstoot. Dit betrof een op de bouwplaats gemaakte gevel met stenen materialen, een prefab hsb-element met een gevelafwerking van vezelcement- en gipsvezelplaat en als laatste een prefab gevelelement met louter gerecyclede biobased materialen. In een levenscyclusanalyse (LCA) is inzichtelijk gemaakt wat de emissies zijn bij elk productie- en montageproces. Daaruit bleek dat de eerste variant de hoogste milieu-impact heeft en de derde, biobased, variant de laagste.
Bear Optima Wood en Topjoynt
Naast Webo en Helwig werden ook vastgoedontwikkelaar Vorm 2050 en deurenfabrikant Weekamp bij het tijdelijke consortium betrokken. Webo en Helwig schakelden vingerlasser Bear Optima Wood en houtlamineerbedrijf Topjoynt in om gerecycled sloop- en balkhout uit projecten te upgraden. Houtoogstbedrijven waren betrokken om geschikt hout voor het biobased gevelsysteem te selecteren op de juiste kwaliteit en bij de bron op sterkte te sorteren. Het hout is in dichte containers vervoerd en indien nodig geluchtdroogd. Vervolgens konden de verwerkers te kort hout vingerlassen en recht maken. Waar het hout te smal was, werd het gelamineerd voor de gewenste balken en elementen.
Het gerecyclede hout is ontdaan van metalen. TNO beschikt zelf over een speciale metaalscanner. Jan Nijmeijer, manager kwaliteit en innovatie bij Webo: ‘We konden de balken door de scanner halen, die detecteerde zeer nauwkeurig waar schroeven of nagels zaten. We zagen exact hoe het metaal in het hout zat, zodat we die plekken eruit konden frezen of boren. Dat was noodzakelijk, want voor een vingerlasapparaat of langsfrees zijn metalen ‘dodelijk’.’

Het prefab biobased gevelsysteem wordt onder KOMO-certificaat geproduceerd met een CE-markering conform Europese normen. De certificering betekent dat de toegepaste houtelementen voldoen aan de in BRL 1001 gestelde eisen. De Beoordelingsrichtlijn 1001 richt zich op niet-dragende binnenspouwbladen en gevelvullende elementen. ‘Vanwege deze certificering wordt op de oogstplek al het hout gesorteerd naar sterkte en toepassing van de hsb-elementen en het balkhout’, zegt Nijmeijer. ‘De duurzaamheid van het hout, hoe het materiaal wordt hergebruikt en in welk gebouwtype het gerecyclede hout wordt toegepast, maakt deel uit van het selectieproces.’
Aangezien Webo veel houten gevelelementen verwerkt in hoogbouwprojecten, is het noodzakelijk om aan de daarvoor geldende brandveiligheidseisen te voldoen. Deze gevelelementen moeten minimaal brandklasse D dragen, gebouwen boven de 13 meter hoogte zelfs klasse B. ‘We moeten de houtconstructie ‘inpakken’ met materialen die aan die brandveiligheidseisen voldoen’, vertelt Nijmeijer.

‘Een OSB-plaat als binnenafwerking is bijvoorbeeld niet mogelijk omdat dit materiaal als brandklasse D wordt aangemerkt. Daarom zijn de hsb-elementen van vurenhout en de genormeerde houtvezelisolatieplaten (brandklasse E) afgedekt met een cementvezelplaat aan de buitenzijde en een gipsplaat van Fermacell aan de binnenzijde. Fabrikanten ontwikkelen voor de spouw een opgewaardeerde gipsplaat, maar die is nog niet marktrijp en kan dus de cementgebonden plaat niet vervangen. Andere biobased isolatiematerialen, zoals ingeblazen stro, leggen een te hoge druk op de prefab constructie. Vlas is een alternatief, maar dat is nog onvoldoende beschikbaar voor massaproductie.’
Fermacell verwerkt zogeheten rookgasontzwavelingsgips uit kolencentrales voor de productie van gipsplaten. Dit restproduct is bij uitstek geschikt voor hergebruik in de afwerking van dit gevelsysteem.
De gehele constructie, inclusief de cementvezelplaat in de spouw, is in combinatie met pv-panelen getest in de brandlabs van Peutz en Warringtonfi re. Door de brandbare materialen goed in te pakken heeft het gevelsysteem brandklasse B.
In de praktijk
Inmiddels is het prefab gevelsysteem met gerecyclede bouwmaterialen toegepast in meerdere projecten: bij Houtrak in Amsterdam, bij een studentenflat aan de Van Heemskerckstraat in Groningen en bij een grondgebonden woning in Rijssen. Er staan ook nieuwe projecten op de planning. Doordat het Rijk subsidies beschikbaar stelt voor toepassing van biobased materialen, verwacht Webo dat de interesse in het gevelsysteem groeit. ‘Ons systeem biedt de klant een kant-en-klare oplossing die voldoet aan bouwfysische normen en emissiearm bouwen’, besluit Bernard Reuvers, technical sales engineer bij Webo.
Mis niets meer met Houtwereld in print of digitaal
Wil je voortaan geen vakinformatie meer missen? Zorg dan dat je elk exemplaar van Houtwereld ontvangt. Je kunt kiezen voor een compleet abonnement met magazine thuis in de brievenbus of voor een digitale variant. Je leest Houtwereld dan altijd en overal.


